Verklarende woordenlijst

Voor alle weren


Volgens artikel 1052 lid 2 Rv moet een beroep op onbevoegdheid "voor alle weren" worden gedaan.

Dat betekent dat een partij dat beroep moet doen uiterlijk bij de eerste gelegenheid waarbij hij verweer voert “ten principale”, dat wil zeggen: tegen de vordering, betreffende de eigenlijke rechtsvraag. In het algemeen is dat bij memorie van antwoord (waarbij het niet uitmaakt of het verweer vooraan staat of helemaal achteraan in de memorie), maar het kan ook eerder zijn, bijvoorbeeld in een brief.

Een partij kan een beroep doen op onbevoegdheid van een arbiter die hijzelf in overleg met zijn wederpartij voor benoeming heeft voorgedragen. Ook een geschil over de bevoegdheid vereist de benoeming van een arbiter.

Ook een verzoek om verlof tot oproeping van een derde in vrijwaring moet voor alle weren worden gedaan. In de rechtspraak is uitgemaakt dat dit verzoek uiterlijk bij memorie van antwoord kan worden gedaan. Het is gewenst, maar niet noodzakelijk, dat een bevoegdheidsverweer en verzoek om een derde in vrijwaring te mogen oproepen in hetzelfde stuk worden opgenomen.