Verklarende woordenlijst

Bewijsaanbod


Bewijsaanbod

In processtukken staat vaak zoiets als “partij biedt aan haar stellingen te bewijzen door alle middelen rechtens, zonder daarmee een niet op grond van de wet op haar rustende bewijslast op zich te nemen.”

Een dergelijk algemeen bewijsaanbod heeft niet het gewenste effect. Een bewijsaanbod moet specifiek zijn. Het moet meteen duidelijk zijn wat u wilt bewijzen en hoe u dat wilt doen. Ook moet de stelling die u wilt bewijzen kunnen bijdragen aan de beslissing op de vordering. Anders is de bewijslevering immers verspilde moeite.

Als u bewijs heeft van bepaalde feiten, dan kan het zijn dat u uw kans verspeelt als u dat bewijs niet onmiddellijk overlegt. Bijvoorbeeld: als de verweerder uw vordering betwist met de stelling dat er geen overeenkomst is, is het niet voldoende als u aanbiedt de door hem ondertekende overeenkomst over te leggen. U zult dan meteen die overeenkomst over moeten leggen. Anders loopt u het risico dat uw vordering wordt afgewezen wegens gebrek aan onderbouwing. U kon en moest immers weten dat de ondertekende overeenkomst doorslaggevend zou zijn bij de beoordeling van de vordering.